In een guur, donker, mistig en verlaten bos, loopt een mysterieus figuur. Op mooie blinkende zwarte nette schoenen loopt hij langzaam en gracieus, bijna vertraagd over het bladerdek. Op de plekken waar hij zijn voeten plaatst verschijnen vreemde kleine lichtpuntjes die met de wind worden meegevoerd. Kleine dieren en insecten ontwaken en het gras wordt groener waar hij loopt. Waar zijn hand de boomschors raakt komt de boom tot leven en gloeit op. Zo loopt hij door het bos, wat opleeft in zijn voetsporen. Vogeltjes fluiten, kleine dieren ontwaken en bloemen openen zich naar de zon. Opeens stopt zijn wandeling aan de rand van een open veld. Het veld is dor en dood en de stilte maakt de sfeer dreigend. Het is helemaal stil, ook de dieren zijn met hun bezigheden gestopt. Dan gaat de gehoornde figuur door zijn knieƫn en legt zijn hand op een kaal stuk grond. De grond onder zijn hand krijgt een mysterieuze gloed en opeens schieten er wortels van licht door de grond. Het veld leeft helemaal op en er komen allemaal kleine lichtgevende stofdeeltjes uit de gronde die de bomen aan het eind van het veld doen verlichten. Het betoverde veld wordt warm omarmt door het bos en bloemen laten hun bladeren zien in het schijnsel maan. De gehoornde man lijkt door de gloed van de maan op te lichten en brengt het bos weer in slaap.
donderdag 9 september 2010
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
0 reacties:
Een reactie plaatsen